Naar het noorden

Geplaatst op
Oirase river

Gezien alle waarschuwingen van de beren, besloot ik een camping op te zoeken in de buurt van de drie bergen van Dewa: Hagurosan, Gassan en Yodunosan. De plek waar Matt me over had getipt. Ik was weer getuige van een schitterende omgeving tijdens het rijden en kwam voor de verandering ook nog eens ruim op tijd aan. Dat wil zeggen dat ik eens een keer m’n tentje op kon zetten voordat het donker werd. Na een klein beetje onderzoek bleek dat de bergen elk een eigen betekenis hebben en dat ze in een bepaalde volgorde beklommen horen te worden: Eerst Hagurosan, welke staat voor geboorte, daarna Gassan, voor de dood en tot slot Yodunosan voor wedergeboorte. Ik had hier bij een informatiepunt ook even navraag over gedaan, maar dat had weinig zin. Hier stond een meneer die me erg glazig aankeek en ‘haii’ zei bij elke volgorde die ik opnoemde.

Dus de volgende dag begonnen met Hagurosan. Een klim van 2246 treden omhoog. Lijkt zwaar, maar prima te doen en heel mooi door een bos van cederhout. Een bijzondere en duidelijk een spirituele plek. Ik besloot er de tijd voor te nemen, deed rustig aan en heb in de afdaling terug een soba gegeten met uitzicht. De mensen van dit sobatentje waren supervriendelijk en legde me van alles uit over de omgeving. Daarnaast kreeg ik nog wat andere hapjes om uit te proberen. Daarnaast vertelden ze me ook dat Gassan gesloten is vanwege sneeuw. Jammer. Yodonosan zou ik eventueel wel kunnen halen, maar dan zou ik moeten opschieten. Dus na het heerlijke eten snel naar beneden en hup vol gas naar Yodunosan. Lekker spiritueel bezig zeg maar. Toen ik daar aankwam probeerde iemand me met wilde gebaren iets duidelijk te maken over een bus, maar begreep werkelijk niet wat hij bedoelde. Uiteindelijk werd het me duidelijk toen ik bij de ingang van de tempel stond. Ik moest naar beneden en kon niet verder want anders zou de tolweg beneden voor de weg terug sluiten. Dit was balen zeg. Ik probeerde nog te achterhalen of het morgen wel open zou zijn. Maar de monnik daar begreep me niet of wilde me niet begrijpen. Het was duidelijk dat ze daar de boel wilde sluiten en ik moest weg. Ik was net op tijd voor de tolweg toen ik terugreed en tijdens het rijden begreep ik waar alle fuzz over ging. Als ik vijf minuten later zou zijn was de weg gesloten en kon ik geen kant op. Zucht, al die regels hier. Het lijkt wel Nederland 🙂

Inmiddels werd het donker en ondanks dat ik er behoorlijk van baalde, want het was namelijk nog best een stukje rijden naar dat Yodunosan en terug, begon ik toch ook wel aardig trek te krijgen. Ik stapte binnen bij een heel wazig klein ramen tentje in de middle of nowhere. En als je dat doet als gaijin is het elke keer weer dat western gevoel. Er valt een stilte en iedereen kijkt je aan. Ehh … ‘Konban wa?’ en iedereen gaat vervolgens weer verder met eten en drinken.

Tegenover me zat een dronken Japanner die schreeuwend en lallend naar honkbal op de tv zat te kijken. Honkbal is populair in Japan. Hij viel nog net niet van z’n stoel. Het was duidelijk dat hij contact wilde maken en toen ik hem vertelde dat ik uit Nederland kwam stond hij op en schreeuwde iets van wat op van Basten leek waarna een plens bier op de grond viel. Naast me zat een grote groep Japanners te eten en voordat ik het wist zat ook de helft daarvan aan m’n tafel terwijl ik mijn ramen naar binnen slurpte. Er werden allerlei vragen gesteld en voor de show deed ik maar alsof dat ik het heel erg vond dat Nederland dit jaar niet deelneemt aan het WK. Voetbal doet me normaal niet zoveel, maar voor nu even wel dan. Erg leuk allemaal maar ook vermoeiend. Continu concentreren want hier zat werkelijk geen Engels woord tussen. Wat wordt er gezegd en wat bedoeld die meneer, waar hebben ze het over en waarom moeten ze nu ineens lachen. Ineens viel het woord kuma, kuma! Wat beer betekent. Beer?! Zo bleek een van de mannen een beer gevangen te hebben en als huisdier thuis te hebben. Ondertussen boodt een andere meneer me een slaapplek aan, maar toen hij z’n vrouw aan de telefoon had werd dat toch wat lastiger 🙂 Ik vroeg of ik de beer mocht zien en de andere meneer belde ook zijn vrouw die ons op kwam pikken. En inderdaad een beer in z’n garage waar een kleine kat vrij regelmatig naar uithaalde. Vrij bizar en behoorlijk indrukwekkend. Één brok spier. Ik verwonderde me er wel over trouwens dat de beer die kat al niet had opgegeten. Maargoed, ondertussen was ik erg moe en na een kort praatje, werd ik teruggebracht, haalde ik m’n motor op en keerde terug naar de camping.

De dag erop twijfelde ik of ik niet alsnog naar Yudonosan zou gaan, maar besloot toch de boel in te pakken en te rijden richting Akita. Toch vond ik dit een lastige beslissing, want Hagurosan was bijzonder. En ik had ergens het gevoel dat ik dit moest doen. Waarschijnlijk ment to be dacht ik nog: Yudonosan hoort pas na Gassan en dat kon nu niet. Het mooiste zou zijn om vanuit Gassan naar Yudonosan te lopen. Maar ook dat is dicht, gezien de sneeuw die er nog ligt. Misschien later dan. Maar toen ik eenmaal op de motor zat kwam ik tot een conclusie. Ik heb genoeg van de dood gezien de afgelopen tijd. En wedergeboorte? Dat is deze reis. Ik vond rust in deze gedachte. Ik hoef die wandeling niet te doen. Ik hoef even helemaal niets nu.

Ik reed naar Oyasukyo met het idee als tussenstop om vervolgens weer verder te gaan. Toch besloot ik een nachtje te blijven want daar was blijkbaar een camping die overigens voor de verandering helemaal volstond. M’n tentje paste d’r net tussen en bij een naastgelegen skipiste zag ik een aantal motorrijders neerstrijken. Hmm… Misschien daar maar even een kijkje nemen. Vaak is het dan wat lastig contact te maken in het begin, gezien Japanners meestal verlegen zijn. Maar uiteindelijk zat ik samen met het hele stel te barbequen onder een skilift. Ik bracht een fles saké mee en zo zaten we wel even een tijdje. Ik kreeg allerlei heerlijkheden voorgeschoteld en het werd steeds gezelliger gezien het saké-tempo redelijk hoog lag 🙂 In de nacht besloten we naar de onsen van de camping te gaan. En gezien de onsen buiten was kon je ook nog mooi de sterren zien. Deze onsen had meerdere niveaus, waarbij de bovenste zeer heet was en bij de onderste had ik een beetje het gevoel hoe een krab zich zou moeten voelen tijdens de bereiding ervan. De onsens zijn hier heter dan ik tot nu toe gewend was, gezien het water wat hier uit de geijsers komt ook zo rond de 98 graden blijkt te zijn. Anyhow. Ook voor de Japanners een uitdaging zo bleek en zo zat er eentje van de groep aan de rand om af te koelen. Gezien we met z’n allen wat drankjes verder waren was iedereen luid aan het praten terwijl ondertussen de Japanner aan de kant z’n evenwicht verloor en naar beneden rolde tot bijna in de onsen een niveau dieper. Met twee man takelden we de beste Japanner lachend weer omhoog. Volgens mij is dit niet helemaal de zen-ervaring die iedereen bij een onsen verwacht, maar het was vrij hilarisch. Ik zal je de details besparen, maar je heb vast een idee 🙂

Geijsers in Oyasukyo Daifunto

In de onsen ontmoette ik ook nog een andere jongere Japanner die zelf uit Akita bleek te komen (de prefecture waar Oyasukyo in ligt). Hij vertelde dat de udon hier heel erg goed is en boodt me zelfs aan met hem udon te gaan eten. Dus de volgende dag stapte ik in zijn verlaagde Subaru-achtige Mitsubishi, waarna we een korte wandeling maakten en vervolgens naar een lokaal populair udon-restaurant reden. We moesten even een uurtje wachten, maar het was het zeker waard. Want uiteraard was die udon ontzettend goed. Ook grappig om te beseffen hoe hetzelfde gerecht verschillend kan smaken per plek in Japan. Overigens is het wel de bedoeling dat je je udon, net als bij ramen en soba, behoorlijk hard naar binnenslurpt. Ik heb er alleen nog steeds moeite mee dan niet erg in de lach te schieten, want je hoort het geslurp echt overal om je heen. Overigens heeft die ontzettende aardige knul de boel ook nog even voor me betaald en bracht me terug naar de camping. Voordat hij ging kreeg ik ook nog wat handige campingspullen en een fles rum. Ik zwaaide hem uit en keek nog een keer verbaasd naar de fles. Onvoorstelbaar, wat zijn die mensen hier vrijgevig en aardig. Ik besloot er nog een dagje aan vast te plakken en het rustig aan te doen. De volgende ochtend m’n tentje ingepakt en ingezet naar het noorden.

Gezien ik goed uitgerust was, ging het rijden weer als een speer. Ik reed langs langgerekte stuwmeren door de bergen naar het noorden. Langs Lake Tazawa waar ik op had ingezet. Ik had een optie voor een plek in Akita-shi (Akita stad), maar besloot toch een stuk door te gaan rijden gezien het weersvooruitzicht. Eigenlijk had ik geen zin om te stoppen met rijden en reed vervolgens zo de Aomori prefecture in naar Lake Towada, waar ik ‘s avonds aankwam. Alle campings waren gesloten en vond een hostel aan het meer. Ik kon m’n tent opzetten daar, maar het was behoorlijk afgekoeld en had het gruwelijk koud door het vele rijden. Dus, toch maar even een warm bedje geregeld. ‘S avonds had ik een potje gekookt in de keuken en ging tegenover een Japanner zitten die verbaasd aan me vroeg waar ik mijn eten had gekocht. Ik begreep het niet helemaal, maar hij vertelde dat alles gesloten was na vijf en dat er niet zoveel te doen was. Ik kreeg nihonshu (saké) van de meneer en gezien hij Engels kon, kon ik eindelijk even gemakkelijk wat bijpraten. Overigens niet lang, gezien z’n vrouw hem vrij geïrriteerd kwam ophalen. Met een zucht en rollende ogen mijn kant op vertrok de beste man naar bed. Ik krijg steeds meer de indruk dat mannen in Japan niet zoveel te vertellen hebben 😉 Hij had me nog getipt over een wandeling langs de Oirase rivier bij het meer en gezien het weer voor de volgende dag er goed uitzag heb ik gelijk zijn tip opgevolgd. Hiervoor moest ik een bus nemen, gezien deze wandeling een richting op is. Nadat ik een willekeurig iemand even had gevraagd, die het ook niet helemaal zeker wist, stond ik in no-time weer met een groepje Japanners. Ongelovelijk behulpzaam en vriendelijk en toen de juiste bus aankwam, stonden ze me in een rijtje uit te zwaaien en bleven buigen todat de bus de hoek om was. Ik was de man dankbaar voor z’n tip, want het was een schitterende wandeling door bos en langs heel veel watervallen.

Toen ik vervolgens wat wilde eten aan het einde van de dag zag ik pas goed in wat voor plaatsje ik was beland. Hier was he-le-maal niets. Alle restaurants dicht, hotels dichtgespijkerd of gesloten, lege wegen…. niemand hier. Het leek wel Chernobil, vrij bizar. Het werd me ineens duidelijk waar de man het gisterenavond over had. Ook begreep ik nu het blije ontvangst van het gasthuis de dag tevoren. Blijkbaar is sinds de tsunami hier niets meer te halen. Vreemde gewaarwording, maar gelukkig konden ze bij het gasthuis een maaltje voor me maken. De volgende dagen was het verschrikkelijk weer, waardoor ik me wat opgesloten voelde. Overigens niet helemaal verkeerd, want ik kon wat werk doen, foto’s uitzoeken etc. Trouwens wel vrij bizar als je in een stuk code zit te werken terwijl buiten rechts van me een emmer voorbij vliegt door de wind en regen. Ik was heel blij dat ik niet op de motor zat in ieder geval 🙂 Toen er een kort moment was met beter weer ben ik snel vertrokken, maar ik twijfelde sterk waar naar toe. Want mijn doel, Hokkaido, zag er qua weersvoorspellingen echt niet goed uit. Toch besloot ik na lang wikken en wegen de gok te wagen. Ik nam de nachtpont van 22.00 uur vanuit Hachinohe naar Hokkaido (Tomakomai). Gelukkig was ik niet de enige die zo gek was op de motor te gaan. Samen met allerlei andere kleine Japanners met veel te grote Harleys reden we de pont op. Contact maken met deze mannen was overigens niet te doen en besloot maar te gaan slapen. Precies op dat moment kwam er een vriendelijke Japanner voor me zitten. Ik kreeg een biertje van hem en hij deed me denken aan z’n zoon vertelde die me. Die reist ook veel en zat nu op Fuji voor vrijwilligerswerk vertelde die. Het was een heel fijn gesprek en voelde me weer welkom door deze man. Toch wilde ik op een gegeven moment toch gaan slapen, want dit beloofde een korte nacht te worden, gezien de veer om 6 uur ‘s ochtends zou aankomen. “Nemasho ka?” De man knikte na een gaap. Laten we maar gaan slapen…

‘s Ochtends om 5 uur werd ik wakker en besloot naar de onsen te gaan. Ja je leest het goed: er was een onsen op de veer! Vrij apart om in zo’n heet bad een beetje mee te deinen met de golven van die hele grote onsen die ik vanuit het raam kon zien. Ik kwam de vriendelijk man van gisterenavond nog even tegen. We namen afscheid, waarna ik m’n spullen pakte en m’n motor klaar maakte voor vertrek. Terwijl de pont met veel lawaai aan het ankeren was stond ik samen met de andere motorrijders in een rijtje te wachten op het benedendek. Toen de klep openging zag ik Hokkaido voor me. En het zag er niet best uit. Wit van de regen. Waar ben ik aan begonnen…

13 reacties op “Naar het noorden&rdquo

  1. Mooi verhaal weer Jochem, Erg handig dat je voldoende Japans spreekt om contact te leggen met niet Engels sprekende Japanners. Ben er jaloers op. Jammer dat je zoveel in de regen zit (terwijl ze in Nederland prachtig weer blijven houden). Zie uit naar je volgende blog. Als Hollander toch nog een wens…..meer foto’s ter illustratie zou leuk zijn. Filmpje hielp ook goed om te zien en horen waar je over schrijft. (Ik heb het bekeken maar er bleef staan dat er maar 1x was afgespeeld.) Veel plezier nog!

    1. Dankje Mijnd! Mijn Japans blijft nog erg basis hoor, maar inderdaad voldoende om contact te leggen en maar gewoon blijven proberen 🙂 Bedankt voor je feedback overigens. Wat foto’s tussendoor is inderdaad wel een goeie. Trouwens zie je de foto’s bovenaan wel staan? Dat is een selectie van foto’s die ik maak die bij het verhaal hoort.

  2. Ik heb weer heel erg genoten van je verslagen, foto’s en t filmpje! Ik vind t nog steeds geweldig dat je dit onderneemt, daar is durf én moed voor nodig! Klasse!😘

    1. Hallo Renée. Het bleef nogal veel regenen, maar daardoor is de reis op een andere manier toch erg leuk geworden. Liefs!

  3. Hee Jochem, wat leuk om je bijzondere reis te kunnen volgen via je blog. Mooie foto’s die je plaatst, moet genieten zijn zo een mooie omgeving om je heen. En een goeie cliffhanger aan het einde van deze blog post 😉 In het nieuws lees ik dat er nu weer extreme hitte is in Japan…. ben benieuwd naar je volgende post! Liefs

    1. Hallo Anja. Dank voor je lieve berichtje! Ik zit nu in die extreme hitte inderdaad om mijn vlucht te kunnen pakken vanwege het verloop van mijn visum. Jeetje, wat een hitte hier inderdaad. Liefs!

  4. Hee Jochem, gaaf om je reisverslag zo te lezen. Prachtige foto’s ook! Blijf vooral schrijven, ik lees graag meer 🙂

  5. Hi hi! Mooi verhaal met de nodige waterrijke avonturen 🙂 Ik ben benieuwd hoe het de afgelopen maand was! Keep on enjoying, liefs!

  6. Geweldig verhaal weer Jochem, het is echt een genoegen om te lezen en ik zie uit naar je volgende verslag, dat ik nu direct ga lezen want ik loop wat achter 😊
    Mooie foto’s ook!

    1. Hallo Jeroen! Bedankt voor je mooie complimenten! Ik schrijf het graag op, maar loop inmiddels ook een flink stuk achter. Ik zal binnenkort weer even wat tijd inruimen voor mijn (voorlopig) laatste stuk over Japan. Inmiddels zit ik in Chiang Mai voor een tijdje waarin ik ook even bedenken wat de volgende stap zal zijn.

Laat een reactie achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *